Puerto RicoPulce
Puerto Rico, het kaartspel |
|||||||||||||||
![]() Bekijk grote afbeelding |
|
||||||||||||||
De spelers kruipen in de huid van kolonisten in San Juan, de hoofdstad van Puerto Rico. Door het bebouwen van plantages en het oprichten van gebouwen proberen ze de beste bouwmeester van de 'nieuwe wereld' te worden. Begin Elke speler ontvangt een indigoververij die hij open voor zich legt. De overige spelkaarten worden geschud en als gedekte trekstapel neergelegd. Iedere speler ontvangt vier kaarten in zijn hand. De handelshuisstroken worden geschud en als gedekte stapel neergelegd. De vijf rollenkaarten worden open neergelegd. Verloop De startspeler ontvangt de gouverneurskaart (=startspelerskaart). Hij kiest een rol en voert de bijbehorende aktie uit. Elke rol heeft een privilege, die alleen door de speler die de rol heeft gekozen, mag worden uitgevoerd. Eerst voert de startspeler de aktie uit, gevolgd door de overige spelers, waarbij wordt gespeeld in de richting van de klok. Nu kiest de volgende speler een rol uit, en weer voeren alle spelers de bijbehorende aktie uit, tot alle spelers een rol hebben gekozen. De gespeelde rollen worden weer klaargelegd. De gouverneurskaart wordt doorgegeven en een nieuwe ronde begint. De speler kan kiezen uit de volgende rollen: - Bouwmeester: hiermee komen nieuwe gebouwen in het spel. - Opzichter: hiermee komen nieuwe goederen in het spel. - Handelaar: hiermee worden de goederen verkocht aan het handelshuis. - Raadsheer: hiermee komen nieuwe kaarten in het spel. - Goudzoeker: hiermee verkrijgt de speler een kaart van de bank. ad 1. Elke speler mag één gebouw bouwen. Dit kan zowel een paars gebouw als een productiegebouw zijn. De bouwkosten staan aangegeven op de kaart. De speler legt dat aantal kaarten uit zijn hand op de aflegstapel. De bouwmeester zelf betaalt één kaart minder. Elk paars gebouw heeft zijn eigen eigenschap, die voordelen oplevert voor de bezitter. Daarnaast levert elk gebouw aan het eind van het spel overwinningspunten op. ad 2. Elke speler mag één goed produceren. Hiertoe legt de speler een kaart van de trekstapel dicht op één van zijn lege productiegebouwen. De opzichter zelf mag in twee productiegebouwen een goed produceren. ad 3. Elke speler mag één goed verkopen. Hiertoe wordt de bovenste handelshuisstrook open gedraaid. Hierop staat aangegeven hoeveel kaarten elk goed oplevert. De speler voegt de kaarten toe aan zijn handkaarten. De goederen komen op de aflegstapel. De handelaar zelf mag twee goederen verkopen. ad 4. Elke speler mag uit twee kaarten van de trekstapel één kaart uitzoeken. De speler voegt de kaart toe aan zijn handkaarten. De raadsheer zelf kan kiezen uit vijf kaarten. ad 5. De goudzoeker voegt de bovenste kaart van de trekstapel toe aan zijn handkaarten. Eind Het spel eindigt als na de bouwmeester-fase een speler 12 gebouwen voor zich heeft liggen. Elke speler telt zijn winstpunten. Dit is de som van de punten van zijn gebouwen en eventuele bonuspunten. Materiaal 110 kaarten, 1 blocnote met potlood, 5 handelshuisstroken, 5 rollenkaarten en 1 startspelerskaart. |
|||||||||||||||
Onlangs bekeken poducten
|
|||||||||||||||
Misschien ook iets voor u |
|||||||||||||||









